De Pieter de Hoochbrug over de Coolhaven uit 1932 is in strak zakelijke baksteen architectuur ontworpen met doorlopende betonvloeren en ronde vormen. Het huisje is in lijn met de traditie van de Delftse School, opgetrokken uit baksteen, met accenten van natuursteen op constructieve punten – de hoekpunten ter ondersteuning van raamkozijnen. Het is gebouwd in het interbellum, de overgangsperiode van traditie naar modernisme. De brug is vernoemd naar de Rotterdamse kunstschilder Pieter de Hooch.
In het brugwachtershuisje staan veel techniekkasten om de brug op afstand te kunnen bedienen. Daarom is hergebruik geen optie. In één van de kelders op niveau van de kade is het ‘Museum Rotterdam ’40 – ’45 NU’ gevestigd. Er doet een verhaal de ronde dat de voordeur van de andere brugkelder aan de zuidzijde werd dichtgemetseld toen een motorclub er niet uit wilde. Er moet daar nog lang een oude motor hebben gestaan.
in 2016 organiseerde Stichting Brugwachtershuisjes tijdens Open Monumentendag met lokale bewoners/kunstenaars een expositie en terras in en om de brugkelder aan de zuidzijde.
